Eben-Emaël behoorde ook ooit tot Vlaanderen. Wanneer wisselde die status?

Sennahoj, 20 jaar
30 oktober 2019

Was het in WWI en WWII Frans- of Nederlandstalig? Op dit moment is het Franstalig, maar ik meende gelezen te hebben dat het in de oorlog Nederlandstalig was.

Antwoord

Helemaal juist is het niet: Eben-Emael (zonder trema) behoorde nooit echt tot het graafschap Vlaanderen, wel tot de provincie Limburg. Daarvoor was het (omgekeerd chronologisch) deel van de Nederlandse provincie Limburg, van het Franse departement Beneden-Maas en van het graafschap Loon. De Nederlandse Cultuurgemeenschap en haar opvolger de Vlaamse Gemeenschap werden pas in resp. 1971 en 1980 opgericht, lang na de overheveling van de deelgemeente Eben-Emael van de provincie Limburg naar de provincie Luik in 1961-1963.

Eben-Emael was ooit een deel van Loon/Limburg omdat het op de linkeroever van de Maas lag, in de schaduw van Maastricht. Dat de thuistaal van het merendeel van de inwoners ooit zou bepalen onder welke bestuurlijke constructie de gemeente zou horen (tegenwoordig deelgemeente van Bitsingen/Bassenge en deel van provincie Luik), is eigenlijk een recente ontwikkeling. Het gaat overigens op een langgerekt straatdorp, met gezinnen met een verschillende thuistaal.

Al sinds de jaren 1920 waren er pogingen om grondgebied of territorium te koppelen aan bestuur. Dat ging aanvankelijk met talentellingen om de 10 jaar, maar zeker na de Tweede Wereldoorlog werd duidelijk dat dat soort peilingen eerder politieke voorkeuren aangaf dan de werkelijke thuistalen. Een wetenschappelijke commissie Verroken-Van Crombrugge werkte daarom tussen 1947 en 1961 een voorstel voor om gemeenten een definitieve bestuurstaal te geven, het liefst in een aaneengesloten gebied. Bij de bestuurlijke vastlegging van die taalgrens werd ook voorgesteld om de grenzen van de provincies precies op die taalgrens te leggen, zodat provincies (op Brabant na) allemaal ééntalig zouden worden. In Limburg betekende dat o.a. dat enkele gemeenten uit de Jekervallei naar de provincie Luik werden overgeheveld, en andersom enkele gemeenten uit de Voerstreek naar de provincie Limburg gingen. Leuk detail: een paar van die Voerense gemeenten vormen nu de enige stukjes van de provincie Limburg, die ooit tot het historische hertogdom Limburg hebben behoord.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de bestuurlijke indeling van de provinciegrenzen niet op zich veranderd, en was Eben-Emael dus deel van de provincie Limburg. De Duitse bezetters wilden wilden zeker in het Generaal-Gouvernement, het grondgebied weg van de front- en kustzone, met een minimale inspanning het land besturen, en deed daarvoor een beroep op de bestaande instellingen en indelingen. Wel werd een Flamenpolitik gevoerd, waarbij o.a. in het voorjaar van 1917 een Raad voor Vlaanderen (RVV) werd opgericht die een grondwet en verkiezingen wilde organiseren, maar dat plan voor een apart bestuurlijk niveau liep al in het najaar niet goed af, en had dus nooit effect op de bestuurlijke indeling zelf.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er meer administratieve herindelingen. De Militärverwaltung nam de Franse departementen Nord en Pas-de-Calais erbij, en stootte de Oostkantons af richting Duits bestuur. De bedoeling was om die gebieden op termijn geen autonomie te verlenen (zoals in bezet Noorwegen en Nederland gebeurde) maar op te nemen in het Duitse rijk. In afwachting van die fusie, behield men de bestaande territoriale onderverdeling. Na een kleine poging in 1942 werd er uiteindelijk pas in juli 1944 een Rijkscommissariaat voor België en Noord-Frankrijk opgericht, dat aanvankelijk op de oprichting van drie nieuwe Duitse provincies leek af te stevenen: Rijksgouwen Vlaanderen, Brabant en Wallonië. Die vage plannen veranderden nog, en in december 1944 werden het uiteindelijk twee Rijksgouwen Vlaanderen en Wallonië en een District Brussel, op een moment dat die gebieden al bijna helemaal bevrijd waren. Tot welke gouw Eben-Emael op dat moment behoorde is moeilijk te achterhalen, maar vóór 1944 werd het wel altijd tot Limburg en dus 'Flandern' gerekend.

 

Reacties op dit antwoord

  • 28/11/2019 - Sennahoj (vraagsteller)

    Bedankt voor de uiteenzetting. Maar welke taal sprak men nu in het Fort Eben-Emael tijdens WWII?

  • 28/11/2019 - Karl (wetenschapper)

    Het taalstelsel in het Fort Eben-Emael was duidelijk Franstalig (1ste Groep van Vestingartillerie Luik, onder leiding van majoor Jean Jottrand). De 1 322 manschappen bestonden voor het grootste deel uit dienstplichtigen, waaronder een ruime helft Nederlandstaligen. Maar het taalstelsel was Franstalig. Er waren ook Nederlandstalige eenheden aanwezig in het fort, vooral voor de grotere stukken geschut: Koepel 120 werd bemand door het Nederlandstalig geleide 14de Regiment Artillerie; Kazemat Visé 2 werd gedeeltelijk bemand door het Nederlandstalig geleide 15de Regiment Artillerie. De korpsen in het fort hadden weinig contact met het dorp Eben-Emael - wanneer ze niet van dienst waren in het fort zelf, werden ze gelegerd in Wonk (Wonck), een andere deelgemeente van het huidige Bitzingen. In de directe omgeving bevonden zich ook nog de 7de infanteriedivisie uit Antwerpen, het 1ste regiment karabiniers uit Schaarbeek (met o.a. Louis Paul Boon in de rangen), het 18de linieregiment uit Brussel en het 2de regiment grenadiers eveneens uit Brussel, allemaal met een Nederlandstalig stelsel. http://18daagseveldtocht.be/artillerie/vestingsartillerie/vestingsregiment-van-luik/iste-groep-fort-van-eben-emael/

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Beantwoord door

Dr. Karl Catteeuw

Geschiedenis van opvoeding en onderwijs, Roemeens, muziek

Katholieke Universiteit Leuven
Oude Markt 13 3000 Leuven
https://www.kuleuven.be/

Zoek andere vragen

© 2008-2026
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door Eos wetenschap. Voor vragen over het platform kan je terecht bij ikhebeenvraag@eos.be