Ik ben erg gefascineerd door de geschiedenis van de VS, en vroeg me af waarom er 2 rivaliserende grote partijen zijn in Amerika en niet meerdere zoals in Belgiƫ (Open VLD, spa, groen,...).
Hallo Louis,
Het aantal partijen dat in een land actief is, hangt sterk samen met het kiessysteem in dat land. In België geraak je verkozen, zodra je een bepaald aantal stemmen hebt binnen een kiesdistrict. De eerste "zetel" die een partij behaalt, kost b.v. 6000 stemmen; de tweede zetel kost in ons systeem wat minder; de derde nog minder. Op die manier stimuleert ons systeem dat partijen met veel kiezers sterk vertegenwoordigd zijn in een parlement (of gemeenteraad, maar in wat volgt beperk ik me tot een nationaal parlement). Maar ook dat een partij met weinig aanhang het moeilijk heeft om zelfs maar één verkozen vertegenwoordiger te hebben. In Nederland kost een zetel altijd hetzelfde. Daar heb je dan ook meer partijen die een verkozene naar een parlement sturen. In Duitsland heeft men dan weer een kiesdrempel: je moet minimaal 5% van de stemmen halen, vooraleer je een verkozene kunt hebben.
In de VS (en ook in het Verenigd Koninkrijk) geldt een heel ander systeem. Daar kan er binnen elk kiesdistrict maar één persoon verkozen worden als vertegenwoordiger in het parlement. Californië bestaat b.v. uit 53 districten en in elk district wordt enkel die persoon verkozen voor het parlement in Washington DC die de meeste stemmen haalde. Alle andere kandidaten van alle andere partijen gaan met lege handen naar huis. Zo'n kiessysteem leidt makkelijk naar een twee-partijensysteem. In sommige kiesdistricten ligt het al bijna van te voren vast wie er gaat winnen, omdat er steevast voor een Democraat gekozen wordt. In andere wisselt het vaak. De echte kiesstrijd in de VS wordt uitgevochten in die kiesdistricten waar de kiezers niet altijd op dezelfde partij stemmen.
Kort iets over de "eeuwige tweestrijd tussen democraten en republikeinen": die gaat in belangrijke mate terug op de Amerikaanse burgeroorlog (1861-1865). De Republikeinen stonden het sterkst in het noorden van de VS, waar er veel steden waren en ook al verregaande industrialisering. Zij waren ondernemerschap gunstig gezind en beloofden veel (economische) vrijheid. De Democraten stonden sterker in het zuiden en verdedigden agrarische waarden: de landbouw, dus ook de katoenplantages, inclusief het houden van slaven om die winstgevend te houden. Ze waren ook achterdochtig tegenover de regering in Washington en wilden meer macht voor de individuele staten. Dat debat is een constante in de Amerikaanse politieke geschiedenis en leidde op dat moment tot een burgeroorlog, die zowel over (de afschaffing van) slavernij ging als over de machtsstrijd tussen de individuele staten en de centrale regering. Later evolueerden de Democraten meer naar de linkerkant van het politieke spectrum (nadruk op bescherming van zwakkeren in de maatschappij d.m.v. steun georganiseerd door de staat), terwijl de Republikeinen nu duidelijk aan de rechterkant gesitueerd worden (nadruk op economische vrijheid en zo min mogelijk interventie door de staat).
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
Engelse en Amerikaanse literatuur Amerikanistiek Gender en seksualiteit