Op de website http://search.arch.be/nl/, heb ik bij voorouders het beroep "kleine gebruiker" teruggevonden. Wat is de betekenis hiervan?
Het is een West-Vlaamse, archaïsche omschrijving van iemand die zich voor allerlei werk laat inhuren en allerlei vaardigheden heeft. Soms wordt de term ook aan elkaar geschreven. Het zijn dus mensen die voor 'een klein gebruik' kunnen ingezet worden en graag 'interim'-werk aanvaarden: bezems binden, leuren met handelswaar en diensten als schaarslijpen waren het meest typisch. In tegenstelling tot dagloners beperkten ze zich niet tot landbouwactiviteiten, en in tegenstelling tot dienstpersoneel hadden ze een eigen woning.
Wellicht komt de naam van pachters van uitzonderlijk kleine hoeven (er waren ook 'grootgebruikers', grote pachtboeren), voor wie de hoeve-opbrengst alleen niet volstond om in het levensonderhoud te voorzien.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.