Voorbeeld: een afvoerbuis met diameter van 110mm, opp. doormeter 95cm²,zou dus een horizontale oppervlakte van ongeveer 100m² kunnen afwateren (bij hevige regenval).
Een buis van 160mm, opp. doormeter 201 cm², zou dus aangewezen zijn voor een horiz. oppervlakte van ongeveer 200m².
Is dit correct?
Hoe is men tot deze formule gekomen?
Verschillende experts (architecten, ingenieurs,verzekering,..) hebben deze vuistregel in ons appartementsgebouw gebruikt.
Wanneer ik voor een gegeven oppervlakte een klassieke berekening doe ter
bepaling van de nodige diameter van de rioleringsbuis, dan vind ik
steeds een kleinere diameter dan deze die bekomen wordt met de vuistregel.
Deze vuistregel komt dus m.i. uit de praktijkervaring waarbij men er
mits toepassing van deze regel zeker van is dat met de bekomen diameter
zelfs heel hevige neerslag kan worden afgevoerd.
Mvg
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
hydraulica, waterbeheer, sedimenttransport, transport van water